Bloggen voor een product

Beste Chantal,

Ik wil je hartelijk bedanken voor je email. Complimenten over mijn website is altijd leuk om te horen. Ik vind het fijn dat jullie meedenken. Want je hebt gelijk, het is soms heel moeilijk iets nieuws te bedenken waar ik over kan schrijven.

En natuurlijk wil ik een kijkje nemen op jullie website. Oh…… Je wilt dat ik de website benoem en schrijf hoe leuk jullie product is. En jullie geven daar iets voor.  De leukste blog krijgt het product ook daadwerkelijk. Dus als ik voor jullie over jullie product blog, dan word ik misschien ook beloond. Wat me misschien nog acceptabel lijkt is: jullie geven het product en ik schrijf er misschien een blog over.

Maar beste Chantal, ik heb er over nagedacht en wil helaas niet op jullie aanbod ingaan.

Met vriendelijke groet,

Sabrina van Loon

De laatste tijd krijg ik meer van deze mails. Verschillende producten, maar bijna identieke teksten. Als ik een blog schrijf over een product dan krijg ik het product of maak ik kans om dit te krijgen. Dat laatste vind ik niet respectvol.

Ik vraag me altijd af hoe ze bij mijn website uitkomen. Ik heb nog nooit reviews geschreven.  Waarschijnlijk is het willekeur, maar dat terzijde. Ik twijfel soms wel of ik een keer op zo’n aanbod in moet gaan. Het is een soort betaling in natura toch? En als ik echt mag schrijven wat ik ervan vind, waarom niet?
Maar past het wel en zitten er geen addertjes onder het gras en wat doet het met mijn onafhankelijkheid en, en, en…En misschien denk ik wel te moeilijk en maak ik het te ingewikkeld (een talent van mij).

Dus mijn vraag aan jullie. Waarom (zouden) jullie het wel doen?

 

 

 

 

Recensie: Workshop bloggen voor je business!

Even geleden heb ik de workshop ‘Bloggen voor je Business’ gevolgd bij J.W. Alphenaar. Even weer terug naar de basis van het bloggen en luisteren naar wat iemand anders erover te vertellen heeft. Zinvol, leerzaam en gezellig!

De workshop
De drie uur durende workshop was echt zo voorbij. Het is heel interactief zonder dat deze alle structuur verliest. Doordat het een kleine groep is van acht mensen, heb je veel onderling contact en is het veilig genoeg om elkaar te bevragen of feedback te geven. Je discussieert met je medeworkshopgenoten en helpt elkaar. Concreet leer je in drie uur: hoe je een inleiding kunt schrijven en wat daarbij belangrijk is, hoe je kunt spelen met titels en hoe je tijd kunt besparen bij het schrijven van blogs. Bij de inschrijving wordt gevraagd om na te denken waarover je wilt gaan bloggen, hierdoor kun je gelijk aan de slag en kun je tips direct toepassen. Er wordt wat algemene kennis gedeeld, maar er is vooral heel veel ruimte voor vragen en persoons- en bedrijfsgerichte tips. J.W. is kritisch maar ook motiverend. Hij denkt met je mee en helpt je waar je vastloopt. Het leuke van de workshop is dat je met andere mensen oefent, elkaar vragen stelt en enthousiast wordt gemaakt om door te schrijven.

Wat heb ik geleerd?
Tijdens de workshop ben ik vooral weer even gestimuleerd kritisch te kijken naar wat ik doe en wat mijn doel is met bloggen. Maar ik ben vooral gemotiveerd om door te gaan met bloggen, uit mijn comfortzone te bloggen en gewoon doen wat ik graag wil doen.

De praktische tips die zijn gegeven, zijn heel welkom. Ik heb na jaren mijn eigen methode ontwikkeld. J.W. liet me een methode zien die tijdbesparend is en die bij (zakelijke) blogs helpt om een blog te structuren en informatie te filteren. Zo schrijf ik nu met alleen een algemeen doel in mijn hoofd, terwijl je je blog ook kunt opdelen in kleine sub-koppen en zo invulalinea’s creëert. Door vooraf na te denken, bespaar je jezelf veel tijd en schrijf je duidelijkere en doelgerichtere blogs.

Het gekke is dat ik alle andere teksten wel zo schrijf, maar nooit had bedacht dat dit ook voor blogs kon werken. Ook werd ik weer even herinnerd aan het belang van een goede titel en inleiding en hoe je hier vorm aan kunt geven. En dat ik dit nog moet gaan oefenen.
De workshop zelf is heel interactief en dat vind ik erg leuk. Deze ochtend heeft mij vooral weer gestimuleerd om verder te gaan, mezelf en mijn teksten serieus te nemen en misschien zelfs wat nieuwe dingen te proberen.

Daarnaast is het ook niet heel vervelend om te merken dat je al best veel weet en de afgelopen jaren al veel hebt geleerd.

Radio 2: Vakantieliefde

Vlinders fladderen door buik. Adem in, adem uit en vooral niet flauwvallen.

De zon schijnt vol enthousiasme en lijkt me aan te sporen: Doe het dan!
Ik tel af, net voordat ik meters naar beneden spring, lach ik charmant naar hem.
SHIPS, hij kijkt niet eens. Als hij maar niet denkt dat ik dit nog een keer doe.
Ships, denk ik voordat ik kopje onder ga.

Dan word ik opeens aan mijn arm mee getrokken. Dat kan maar één ding betekenen: Een HAAI. Dit is het einde van mijn liefdeloze leven. Tranen vermengen zich met het koude water. Ik wist trouwens niet dat in het Gardameer haaien bestonden… Maar ik heb geen tijd om daar verder over na te denken. Ik moet eerst nog mijn leven aan mijn netvlies voorbij laten flitsen.

Even later kom ik in de hemel en snak ik naar adem. Twee Gardameerblauwe ogen kijken me aan. “Dat was stoer van je. Ik ken geen ander meisje die dat durft”, zegt hij terwijl hij mijn arm omklemt.

“Ach stelde niks voor” zeg ik stoer.
“Kom we gaan wat drinken” niet de meest romantische zin die hij kan zeggen maar ja mannen…
Op het strandje pakt hij een plastic bekertje en pakt een briefje waar onze namen met hartjes op staan. “Hier is mijn adres, zul je me schrijven?”
Ik kan alleen maar knikken. Dan geeft hij mij een kus. Whow.

Thuis koop ik het mooiste briefpapier en mooie gekleurde pennen en begin ik enthousiast aan mijn eerste liefdesbrief. Maanden schrijven we enthousiast heen en weer. Mijn hart gaat elke keer sneller kloppen als ik zijn slordige maar aandoenlijke handschrift zie. Dit is ware liefde.

Rond kerst krijg ik weer een brief. Ik mis iets. Geen vrolijke kleurtjes, geen kleine tekeningen op de envelop. Gewoon saai en kaal mijn adres. Zelfs zijn handschrift lijkt minder aandoenlijk. Aan de binnenkant een post-it briefje.
Ik lees het snel en dan besef ik dat ik hier even snoeihard word gedumpt.

Niet eens een lange brief met duizend maal excuses dat hij mijn hart gebroken heeft, dat het niet aan mij ligt maar aan hem of dat hij mij een betere man gunt. Alleen een gele post-it.

“Ik vint jouw leuk, maar ben niet meer ferlieft op je. Mijn papa zeg dat ik volgent jaar weer na Italije ga. Zullen we dan weer ferlieft worden? “

Het raakt me hard en diep. Net acht jaar oud en gedumpt door een gele post-it. Hoe triest…

Vanaf nu zijn alle jongens stom, net als de kleur geel en Italië.

 

Een verkorte versie met een happy end is te beluisteren op radio 2 bij Kasper Kooij in het programma ‘Hotel Kooij’: Vakantieliefde

 

Mannen

Mannen snappen niet of willen het niet snappen hoe belangrijk een klein detail kan zijn. Zij vinden het dan onbelangrijk. Terwijl juist dat kleine detail je hele toekomst kan maken of breken. En omdat het zo belangrijk is, heb je juist steun nodig.

“Waar maak jij je nou zo druk om?” vraagt hij terwijl hij me niet eens aankijkt en rustig wordfeud doorspeelt op zijn telefoon (ja echt! Hij speelt nog wordfeud…).

“Ik twijfel, ik weet niet wat ik moet doen. Kijk nou even”, zeg ik terwijl ik voor zijn neus rondjes draai.
“Kies gewoon het is allemaal goed”.

“Nee!!! het is niet allemaal goed. Als ik de verkeerde keus maak dan krijg ik eeuwig spijt. Ik moet een goede eerste indruk maken”, roep ik terwijl de wanhoop door mijn stem sijpelt.

Een paar weken geleden moest ik een pitch geven die mijn hele leven zou  kunnen veranderen. Ik moet zeggen dat niet alleen mijn stressniveau hieronder te lijden had maar ook mijn vermogen om beslissingen te maken. Normaal is dit al een moeizaam proces, maar voeg er een vleugje stress bij en dan is het voor mij een onmogelijk opgave. Zelfs de keuze of ik nou 1 of 2 crackers moet eten is een verschrikking. Ja, heel zwaar en heel vermoeiend voor mij.

“Wat moet ik nou doen?” snuf ik met tranen in mijn ogen, zodat hij ziet en hoort dat ik het echt heel moeilijk heb.

“Ik heb toch al gezegd wat ik het mooiste vindt”, met zijn blik nog steeds op zijn irritante telefoon.

“Ik vraag toch niet wat jij het mooiste vindt, ik vraag welke het meest geschikt is….
Waarom doe je nou zo moeilijk, zo’n ingewikkelde vraag is dat toch niet?”, schreeuw ik met vuurspuwende ogen.

Eindelijk kijkt hij me aan. Twee ongelovige verbijsterende ogen staren me aan. Stiekem weet ik wel dat ik “het moeilijk zijn” op hem projecteer maar dat hoeft hij niet te weten.

“Help me gewoon even, alsjeblieft”, hoor ik mezelf smekend zeggen. Ik val nog net niet op mijn knieën.

Hij kijkt, hij zwijgt. Ik huppel ongeduldig van mijn ene been op de ander. Dan de verlossende woorden.

“Deze is goed”.
“Echt?”
“Ja echt” zucht zucht zucht hij en zucht nog een keer.
“Kijk zo moeilijk was dat toch niet?”, zeg ik blij terwijl ik hem een kus geef.

Blij ren ik naar boven en kijk in de spiegel. Ik besef dat ik het hem wel moeilijk heb gemaakt, arme hij. Ik steek twee vingers in de lucht en beloof plechtig dat ik de rest van de dag zo mak als een lammetje zal zijn, echt! Want nu ben ik er klaar voor. Ik heb mijn perfecte pitch-jurkje gevonden. Ik ben zo blij! Na 10 keer omkleden, 11 keer mijn haren en make-up te opnieuw te doen, ben ik er eindelijk klaar voor. Alleen nog even de perfecte schoenen en ik ben klaar voor mijn pitch die mijn leven gaat veranderen..

Ohnee schoenen….”SCHATJE????”

Sprekende mimiek

Mijn hele leven lees ik al gezichten. De mimiek van mensen vind ik geweldig. Soms verlies ik mezelf zo in het verhaal van een gezicht dat ik de daadwerkelijke woorden niet meer hoor.

Mijn eigen non-verbale communicatie is helaas ook erg sprekend. Ik hoef geen woord over mijn lippen te laten komen en toch weten mensen vaak wat ik denk.

Handig zou je zeggen. Dat is het dus niet. Het is een beperking, een handicap, een chronische belemmering.
Het is leuk als je enthousiast bent.  Maar als je je wat minder blij voelt, is het heel lastig omdat je niet altijd wilt zeggen wat je denkt of voelt.

Zo ziet de kapper halverwege al dat ik het niks vind.
Als iemand een saai verhaal vertelt, kijk ik net zo slaapverwekkend terug.
Wanneer mensen met hun mond vol praten, kijk ik ook heel onsmakelijk.
Bij boosheid is mijn gezicht zo verwrongen dat mensen met een grote boog om mij heen lopen van angst.

Nee, het is dus niet makkelijk. Zeker nu de feestdagen eraan komen, is een sprekende mimiek niet behulpzaam. Vooral niet als ik kado’s krijg, daar zitten vast en zeker ook spullen bij die ik euh… iets minder leuk vind.

Spreken is zilver en zwijgen is goud. Ik moet mijn mimiek het zwijgen opleggen.
Bij het Kruitvat haal ik 20 rollen inpakpapier. Thuis doe ik mijn kluskleren aan, pak een schaar, zes rollen plakband en ga spullen zoeken die ik kan inpakken. Na twee uur ben ik klaar. De huiskamer, keuken, kelderkast, slaapkamer en kleedkamer zijn bijna leeg.

Alle kado’s zet ik op de eettafel. Ik zet kerstmuziek op, de kerstlampjes in de boom gaan aan en ik doe mijn speciale kerstjurk aan om in de kadosfeer te komen.

Als laatste sleep ik de grote passpiegel naar beneden en ga zitten.

“Ooh wat leuk. Een kadootje! En wat mooi papier.” Ik glimlach naar mijn spiegelbeeld, die vrolijk terug lacht. Dan ga ik achter elkaar alle kado’s uitpakken en proberen heel blij te doen.

Een stofzuiger: Wat een flutkado wie geeft je nou een stofzuiger?

Een glazen keukenpot: Ik kijk precies hetzelfde als toen ik hem kreeg voor mijn verjaardag…

Een dekentje voor op de bank: ik word er niet warm of koud van.

Een kookboek: Ik kan niet koken, ik houd niet van koken.

Mijn wekker: GRRR.. Snooze…

Een kleerhanger: Tsja

Mijn spiegelbeeld kijkt me moedeloos aan. Dit is kansloos. Ondertussen verandert de huiskamer in een slagveld met kadopapier. Ik stop ermee.

Het krijgen van stomme kado’s is ook te voorkomen door geen kado’s te krijgen, maar daar word ik ook niet blij van. Wat is nou Sinterklaas of kerst zonder kado’s? Ik kan natuurlijk verkleed gaan als de kerstman zodat niemand mijn gezichtsuitdrukkingen ziet, maar ik denk dat die baard me gaat irriteren en het eten belemmerd. Dus dat is ook geen optie.

Ik moet maar accepteren dat mijn mimiek niet te sturen is. Dat het zijn eigen leven leidt en hopen dat mensen er niet zo op letten. Maar acceptatie dat is niet echt mijn sterkste kant…

Het lijkt nu net alsof ik de kadootjes die ik krijg niet waardeer en ik een verwend kreng ben. Terwijl ik zo niet ben opgevoed hoor.
Ik ben juist echt heel erg blij elk kadootje dat ik krijg. En ik waardeer de intentie nog meer. Als ik een kadootje krijg, gaat mijn hart sneller slaan, spring ik in het rond en straal ik als een ster. Ik ben dus super blij met kadootjes, alleen ben ik niet altijd even blij met de inhoud…

De sleur

Tijdens het opruimen kom ik wat oude Flairs tegen. Dus ik laat het opruimen voor wat het is en ga ze lezen. Prioriteiten stellen noemen ze dat.

Er staat een artikel over hoe je de sleur voorkomt in je relatie. Heel belangrijk.
De eerste maanden van je relatie ben je verliefd.
Check.

Je vindt hem perfect.
Check.

Na een aantal jaren verdwijnt de roze wolk.
Check.

Je irriteert je vaker aan elkaar.
Check.

Ik denk niet dat wij in een sleur zitten, maar voorkomen is beter dan genezen. Snel ga ik naar de tips: Maak tijd voor elkaar, ga iets leuks doen, wees oprecht geïnteresseerd, benoem positieve punten van elkaar.

We plannen al regelmatig qualitytime maar nu de Flair het zegt, moeten we het zeker doen. Deze week nog.

Ik neem hem romantisch mee uit eten. Ik kleed me mooi aan en ben zo blij als een verliefde puber. De vlinders zijn ook gelukkig en fladderen vrolijk rond.

Tijdens het eten praten we over hoe het de laatste tijd gaat. Alle spanningen, irritaties, vermoeidheid en drukte. Allemaal heeft het invloed op onze relatie. Misschien toch maar de tips van de Flair toepassen.

“Schatje Ik noem de drie eigenschappen die ik het allerleukste aan je vind en daarna mag jij dat over mij zeggen.”

Vlekkeloos noem ik zijn humor, zijn eigenwijsheid en zijn zorgzaamheid achter elkaar op zonder te haperen.

“Nu ben jij”.

En hoopvol kijk ik hem aan. Nadenkend kijkt hij terug.
Vier minuten later kijkt hij nog steeds nadenkend. De moed zakt me in de schoenen en ik sla bijna met het bord tegen mijn hoofd van ongeduld. Hij vindt me toch nog wel leuk?

Dan zie ik zijn blik en besef ik dat hij mij aan het klieren is. Shit, hij kent me ook te goed.

“Nou weet je”, begint hij. Nu komt het, denk ik, hij wil er geen drie goede eigenschappen noemen maar zestien.

Helaas.

“De eigenschappen die ik het leukst aan je vindt, zijn ook de eigenschappen waar ik me soms aan irriteer.”

Ik besef dat dit een kern van waarheid heeft. Juist dat zijn de eigenschappen die zo kenmerkend zijn voor een mens. Zijn positieve eigenschappen irriteren mij soms ook.

“Ja, dat klopt ook. Maar vandaag pakken we de positieve insteek in verband met de sleur.

“De wat?”, vraagt hij.
“Niks laat maar, het is jouw beurt.”

“Nou ik hou van je lovehandles en hangbillen”, zegt hij met een grijns. Ik lach niet terug maar pak mijn mes.
“En je hebt twee lovehandles en twee hangbillen, dus ik heb er vier genoemd. Één krijg je er kado.”

Ik adem langzaam in en uit. Onderdruk mijn emoties die vanuit mijn tenen opborrelen. Die stomme Flair met zijn sleur. Nog even en ik sleur hem aan zijn oren naar huis.

Als ik hem aankijk zie ik een grijns van oor tot oor. Die zorgzame eigenwijze grapjas.

Zeur niet!

Je kunt twee keer dezelfde boodschap willen over brengen, aan dezelfde persoon, in dezelfde omgeving alleen op een ander moment.
Dat moment bepaald hoe jouw boodschap overkomt. De eerste keer kan het worden gezien als gezeur en de tweede keer kan de ander zo blij zijn met jouw motiverende woorden dat hij je spontaan knuffelt en je eeuwig dankbaar is (lichtelijk overdreven). Totdat het moment opnieuw bepaalt dat de dankbaarheid verleden tijd is en dat je weer aan het zeuren bent.

Dat zijn de mannenmomenten. Zo moeilijk! Er is echt geen touw aan vast te knopen en dan zeggen ze dat vrouwen onbegrijpelijk zijn.

En andersom dan moeten we niet zo lastig doen en blij zijn dat de ander je wilt motiveren…

Mannen zijn onvoorspelbaarder dan de buienradar. Vorige week was ik een zeur en deze week niet (of uiteindelijk toch wel weer..).

‘Ik denk dat ik niet ga.’
“Ik denk het ook niet.”
‘Ga zo mijn zus bellen.’
“Hmm…”
‘Hè??’
“Ik denk dat je wel moet gaan.”
‘Ben moe.’
“Hmm… De vorige keer was je blij toen je uiteindelijk wel was gegaan.”
‘Hmm.’
“Toch?”
‘Hmm.’

‘Ga mijn zus bellen’
“Oké”
‘Ga vragen of ze eerder kan’
“Echt waar?”
‘Ja.’
“Ik ben werkelijk verbaasd.”
‘Waarom?’
“Omdat je toch gaat”
‘Ja, ik luister soms wel naar jou.’
“Fijn om te horen….Misschien moet je een bordje omhangen zodat ik weet wanneer je luistert en je het geen gezeur vindt.”
‘Ga er gewoon maar vanuit dat je meestal zeurt en soms heel toevallig niet.’
“Owja hoe het jou uitkomt en jouw bui is… Lekker makkelijk!!”
‘Ja, precies en ik ga toch dus wat ben je nu weer aan het zeuren??’

Mannen….

Prins perfect

Hij is perfect. Mijn prins op het witte paard. Alles wat hij doet is grappig, leuk en lief. Geen irritatie, niks wat hij fout kan doen. Ik ben verliefd! Ik loop op een roze wolk. Bloemen, kadootjes, etentjes, kaarsjes en volle aandacht voor elkaar. Hij heeft mijn hart veroverd.

Ik verlang soms terug naar die verliefdheid. De roze wolk is nu wit, mooi wit weliswaar maar niet meer roze. Ik irriteer me wel eens aan hem en hij (heel erg soms) aan mij. Hij is niet meer prins-perfect en ik bij lange na niet de perfecte prinses.

Ik kan natuurlijk wel de schuld bij hem leggen, maar wat doe ik zelf eigenlijk nog om de romantiek aan te wakkeren? Eigenlijk niet zoveel. Als ik niet oplet lig ik elke avond in mijn snoopy-pyjama op de bank, peuter ik in mijn neus ook al kijkt hij en ik maak me alleen nog op als ik een feestje heb. Nee, hier ligt een taak voor mij. Ik moet actie ondernemen. Ik ga weer zijn prinses op mijn witte knol worden.

Romantisch diner
Kaarsjes aan, een drie gangenmenu gekookt, lekker muziekje op de achtergrond. Tevreden kijk ik rond. Ik voel me al verliefd.
Ik zit klaar als mijn lief uit zijn werk komt.
“Verrassing, een romantisch diner voor twee”, roep ik blij.
Lachend gaat hij zitten. Ik schenk wijn in en serveer het eten.
“Romantische he?”, vraag ik zwoel en knipper met mijn wimpers.
Hij grinnikt en kijkt naar het eten, de kaarsjes en dan naar mij: “Echt wel, vooral mijn trainingspak wat je aanhebt is heel sfeervol”.
… Ik wist dat ik iets vergeten was.

Qualitytime
Tijd voor elkaar dat is belangrijk. Even naast elkaar zitten en 100% aandacht voor elkaar. Vaak lig ik al in bed te snurken als hij thuis komt (al zal ik dat snurken altijd ontkennen). Vanavond besluit ik wakker te blijven en te wachten totdat hij na zijn late dienst thuis komt.
Ik zap wat op televisie, maar alles lijkt zo slaapverwekkend. Nog een half uur en dan is hij thuis. Ik kan wel even een kwartiertje liggen en trek het fleecedekentje tot mijn kin op. Heel even, daarna kan ik alle aandacht aan hem geven.
De volgende morgen word ik met pijn in mijn nek wakker. Er zit een post-it op mijn hoofd geplakt. “Hey schatje, je was met geen mogelijkheid wakker te krijgen, dus ik heb je maar laten liggen. Vanavond samen iets gezelligs doen?”
GRMPFFF

Mijn laatste poging: een weekendje weg
Als verrassing neem ik hem mee een weekendje weg. Hij is dol op verrassingen (..). We gaan naar Antwerpen. Ik heb wat kleren van hem in de tas gegooid en ‘s morgens zeg ik dat we weg gaan. Hij mag rijden dan kan ik navigeren. Wanneer ik zeg dat we de A67 moeten hebben, raad hij gelijk dat we naar Antwerpen gaan. Ik doe alsof mijn neus bloed. Een uur later zijn we inderdaad in Antwerpen, een half uur later rijden we nog steeds door Antwerpen. Anderhalf uur later hebben we fikse ruzie omdat we verdwaald zijn. Twee uur later vertel ik eindelijk waar we moeten zijn en rijd hij er in een keer heen. Ach, een slechte start maar de intentie telt.
We hebben een heerlijk weekend. Nog even afrekenen en dan gaan we weer naar huis.
Ik steek mijn pinpas in het automaat van het hotel. Met een rood hoofd draai ik me om: “Euhm schatje… ik heb geen saldo meer.”

Dat bewust romantisch doen, is niet zo makkelijk en kost veel energie. Ik heb even geen puf meer. ‘s Avonds op de bank, kruip ik in mijn (lees zijn) joggingpak tegen hem aan en kijken we samen studiosport. “Hee prinses”, en hij knuffelt me even spontaan.

Dan voel ik ze. De vlinders kriebelen door mijn buik. Ze zijn nooit weg geweest, ik was me er alleen niet zo bewust van. Volgens mij ben ik ook gewend geraakt aan alle lieve acties en vooral een beetje verwend. Ik krijg af en toe nog wel eens een bloemetje en soms ook nog wel kadootjes. Zelfs de kaarsjes steekt hij nog wel eens aan. Ik besef dat dit verder gaat dan vlinders en roze wolken. Hij is niet perfect, maar wel perfect voor mij.

Ik zoek ruzie

Het liefste wil ik dat er geen oorlog is, niemand pijn lijdt en iedereen lief en aardig tegen elkaar is. Vrede op aarde!
Vriendelijk en met sociale vaardigheden noem ik mezelf. Ik mis alleen een vaardigheid: ruzie maken. Ik vind ruzie ook niet heel sociaal klinken en ik vermijd het dan ook liever. Heel ongezond is het als je geen ruzie maakt.

Want ruzie maken, dat is pas gezond. Het is goed omdat je dan leert om te gaan met boosheid, frustraties en het is stressverlagend.

Ik moet deze vaardigheid dus gaan ontwikkelen en oefen volop op vriendlief. Het lukt me steeds beter en ik ben zelfs een beetje trots als ik voor de eerste keer boos naar boven stamp en met de deuren gooi van woede.
Alleen boos worden op anderen vind ik nog moeilijk, ik bewaar dan al mijn frustraties voor mijn vriendje (sorry lief). Ik kan moeilijk de straat oplopen en dan in het wilde weg ruzie gaan maken en zeggen: “Meneer het is niet persoonlijk, ik ben gewoon mijn sociale vaardigheid aan het trainen…”.

Tot dit weekend!
Ik loop in de stad met duizend anderen. Ik erger me aan de mensen die continue voor me gaan staan of tegen me aan lopen. Wanneer ik in de winkel sta op zoek naar een winkeljuffrouw voel ik de irritatie opborrelen. Ik wil twee potten kopen, maar ze missen de verpakking.
De kassajuffrouw zegt dat ik een winkeljuffrouw moet gaan zoeken, zodat zij een verpakking voor mijn pot kan pakken en dan kan ik vervolgens bij haar terug komen om af te rekenen.
“Kijk nog maar een keer rond”, zegt ze.
Geïrriteerd laat ik weten dat ik dat al heb gedaan, maar ik draai me toch om en ga weer op zoek. Na nog 86 rondjes door de winkel, kan ik nog steeds niemand vinden. Ik loop weer naar de kassajuffrouw. Deze blijft volhouden dat zij mij niet kan helpen omdat zij kassajuffrouw is en niet een winkeljuffrouw.
Ik voel iets raars in mijn buik, mijn spieren spannen zich aan en mijn hartslag gaat omhoog. Verbaasd constateer ik dat ik boos word.
Ik haper een moment en kijk dan de kassajuffrouw boos aan en zeg: “Ik wil deze potten hebben en afrekenen, met of zonder doos”.
Ze slaakt een diepe zucht en ze gaat op zoek naar de winkeljuffouw. Vijf minuten later komt ze terug, samen met een andere mevrouw die heel nors kijkt.
Ik ben bang dat ik de winkel uit wordt gezet. De winkeljuffrouw sommeert mij om met haar mee te lopen naar de kassa aan de andere kant. Vol angst volg ik haar. Misschien word ik wel gearresteerd.
“Kijkt u eens mevrouw, deze potten wilt u afrekenen? Onze excuses dat u zolang moest wachten, ik heb ze alvast in de doos gedaan”, zegt de winkeljuffrouw of de kassajuffrouw want ze gaat achter de kassa staan zodat ik kan afrekenen.

Met een glimlach huppel ik naar buiten. Ik ben boos geworden, ik heb mijn training voltooid. Vriendlief zal wel blij zijn dat hij niet meer mijn enige oefenpersoon is en ik stuur hem gelijk een bericht.

Ik draai me om en kijk naar de winkel waar het voor de eerste keer gebeurde. Ik kan mijn training afsluiten. Ik kan nu officieel ruzie maken. Ik ben geslaagd.
Al voelt het niet helemaal geslaagd.
Twijfelend blijf ik een minuut staan en dan ga ik toch terug, op zoek naar het kassameisje. Ik wil niet op mijn geweten hebben dat zij nachten niet kan slapen of de rest van haar leven last heeft van een trauma.
Ik bied netjes mijn excuses aan, waarna zij mij stralend naar mij lacht en ook haar excuses aanbiedt.

Glimlachend loop ik naar buiten. Dit voelt beter, dan maar gelukkig en ongezond. Ik ben gewoon het type mens van peace, love and happiness.

 

Zij & Hij

Ik ben moe, erg moe. Natuurlijk weer veel te veel gedaan, plannen is niet mijn sterkste kant. Snel begin ik de aardappels te schillen en net als ik klaar ben, komt Hij terug van zijn werk. Hij kijkt mij aan, ziet mijn charmante wallen en biedt spontaan aan om het eten te koken. Ik mompel dankjewel en strompel naar de bank. Ik pak de Flair ter ontspanning (ja ik vind dat heerlijk). Ik kan echt heel erg genieten van de vrolijke verhalen en kleurtjes. En elke keer opnieuw verbaas ik me ook weer. Hoe krijgt Flair stelletjes zover dat ze vrijwillig meedoen aan de rubriek Zij-Hij. Waarin Zij vertelt dat Hij het heeft beloofd en nooit naar haar luistert en Hij zegt dat Zij niet zo moet zeuren en duidelijk moet zijn. Vervolgens krijgen ze beiden advies van een professionele psycholoog, hoe om te gaan met deze ontzettend moeilijke situatie. Steevast zegt de psycholoog dan dat Zij minder moet zeuren en duidelijk moet verwoorden wat haar verlangens zijn en Hij beter zijn best moet te doen om af en toe te luisteren en zijn afspraken na moet komen.
Wat moet er toch gebeurd zijn dat je dit jezelf en je partner aandoet? Arme Hij, arme Zij… met de hele wereld (Flairlezers) je probleem delen; je moet je dan wel heel machteloos en onbegrepen voelen.

“Het eten is klaar”, roept mijn schatje. Ik probeer wat gezellig over de dag te keuvelen. Naja, ik keuvel en hij zegt vooral: “hmm”.  Niks bijzonders want onze gesprekken gaan meestal zo, maar vanavond kan ik het niet hebben en kan ik niet nog een ‘hmm’ horen. En dan schept hij ook nog voor de tweede keer aardappels op. Boos roep ik; “Niet alles opeten, want het is ook het eten voor morgen”.
“Hmm”, zegt hij en hij schept gewoon door. Bijna gooi ik de inhoud van de pannen in zijn gezicht, zo boos ben ik. De aardappels zullen wel een metafoor voor iets anders zijn maar het interesseert me niet. Ik ben boos en hij moet het ontgelden. Ik word hatelijk en gooi allerlei niet-relevante argumenten over tafel. “Schil gewoon nieuwe”, zegt hij relaxed.
“Nee, dat wil ik niet”.
Hij negeert me en eet vrolijk verder. Ik sta op en weet dat ik deze strijd heb verloren. Ik weet niet eens waarom ik precies boos ben, maar ik ben boos. Ik voel het van mijn linker kleine teen tot mijn rechter oorlel. Heel boos.

Ik stamp de kamer uit en net voordat ik de deur keihard dichtgooi, roep ik nog: “Nou, dit gebeurt er dus met die stelletjes, jij staat volgende week ook in de Flair en dan leg je maar eens uit aan de hele wereld waarom je mijn aardappels van morgen opeet.”

“Hmm”.

Personal branding: Diederik 2.0?

Gooi je privéleven op straat, laat de wereld meegenieten met jouw ellende. In Amerika zeer gebruikelijk, en Franske Bauert doet het ook, zelfs Tony “Star” Sterretje gaat er voor en heb je een gezin met 12 kinderen, dan laat je dat ook tussen de luiers door filmen. Aan zelfverheerlijking doen wij tweeps en facebookers allemaal gretig mee. Het is geaccepteerd en rete-modern. Maar zitten we in Nederland te wachten op een politicus die met zijn gehandicapte kind koketteert voor stemmenwinst?

Neem nu Diederik Samsom, lijsttrekker van de PvdA. Hij presenteert zichzelf in een campagnespotje met zijn gehandicapte dochter. Amerikaanse praktijken en ze werken blijkbaar want mensen vinden het leuk, lief, want kunnen “aaaah” zeggen. Verkiezingsprogramma maakt niet uit “ik stem op die met die gehandicapte”. Blijkbaar is de tijd rijp, Nederlandse campagnemakers verheerlijken de persoon en de inhoud gaat naar de achtergrond.
Ik vraag me oprecht af wat het doel er nu precies van is. Wil hij zo laten zien dat hij extra aandacht heeft voor het onderwerp ‘zorg’? Wil hij menselijk overkomen? Oppakken wat Job Cohen naliet, mens van vlees en bloed zijn. Of gaat hij gewoon mee in de tijd waarin wij nou leven. Eigenlijk weet ik niet eens meer wat voor inhoudelijke boodschap in het spotje was meegegeven.

Zegt de politiek: “Welkom 2.0”? En doet hij wat steeds meer Nederlanders  doen. Vroeger hielden we alles binnenhuis, nu braken we alles uit.

Wat ik vind van het campagnespotje? Ik vind het wennen, net zo als je voor de eerste keer een olijf eet of op Twitter komt. Het is niet verkeerd, het is alleen even anders en daar moet ik aan wennen. Ik denk dat dit alleen maar tegen hem werkt omdat mensen oordelen over wat zijn motieven zijn, net zoals ik deed. Maar ga er voor de grap eens vanuit dat zijn intenties oprecht zijn. Laten zien wie hij echt is, met heel zijn gezin, niemand uitgesloten. Dat de spindoktors hier goed over nagedacht hebben in communicatiezin geloof ik graag, dat zie je. Maar de vraag of dit tot toekomstige schade lijdt bij het kind is waarschijnlijk niet gesteld. Hoe je het ook wendt of keert als politicus ben je een bekende Nederlander en kom je zeker in de bladen en nu is hij iedereen voor. Of zou het minder erg zijn als in de Telegraaf een sappig verhaal over ‘de verborgen dochter van’ zou staan? Publiciteit is publiciteit en nu praat iedereen er over, briljante campagnespot eigenlijk.

Samsom laat zien dat hij extra in zijn overtuigingen gelooft en dit ook doet voor de volgende generatie waaronder zijn kinderen.
Natuurlijk vraagt hij aandacht hiermee, maar dat doet iedereen die iets persoonlijks vertelt op televisie of via welk kanaal ook. Naar mijn mening is dat niet altijd slecht. Als ik jullie iets persoonlijks vertel, wil ik daar ook iets mee winnen; aandacht, waardering of gewoon om te laten zien wie ik ben. Dus ik maak er niet meer van dan wat het is.

Het is zijn persoonlijke verhaal. En als ik de volgende keer zijn kop op TV zie, dan denk ik niet alleen “aah daar hebben we hem met die gehandicapte weer, de blablabla-politicus” maar zie ik hem ook als mens van vlees en bloed met zijn eigen zorgen en problemen. Liever hem dan Job Cohen 1.0.

Maar…

Ik vind het geweldig om te horen als mensen positief zijn en zelfs fijn als ze ‘opbouwende feedback’ geven. De ‘maar’ achter een zin wacht ik geduldig af en de tips die ik krijg neem ik mee in mijn blogs.

Van hem wil ik het ook horen, het positieve gedeelte dan. Hoe geweldig hij mijn blogs vindt, hoe grappig of hoe leuk. Hoe trots hij is of hoe goed hij het vindt. Dan kijk ik hem gelukkig aan en voel ik me trots van mijn tenen tot mijn haar.
Alleen hij mag geen ‘maar’ zeggen. Zodra ik een komma hoor na: “Wat een leuk stuk,,,,” dan gaan mijn nekharen overeind staan. Dan schieten al mijn verdedigingsmechanisme op scherp. Dan wil ik het niet horen,  stop mijn vingers in mijn oor en zing ik hardop. Hij wacht dan geduldig en gaat dan verder.

Ik probeer wel te luisteren, open te staan en te zien dat hij me alleen maar helpt. Vaak lukt me dat niet. Dan ontken ik alles wat hij zegt, zeg ik dat ik er niet mee eens ben en steek ik mijn tong uit om vervolgens een paar uur later zijn tips te verwerken in mijn blog of in mijn ideeën.

Het allerergste is dat het geen slechte tips zijn, geen slechte feedback of onzin wat hij uitkraamt. Nee, vaak heeft hij gelijk. MAAR op een of andere manier kan ik het van hem niet horen, terwijl ik bij anderen er geen moeite mee heb. Ik vraag tegenwoordig alleen nog of hij mijn stuk heeft gelezen als ik goed gehumeurd ben (dus niet ‘s ochtends als ik een ontiegelijke ochtendhumeur heb). Zijn MAAR raakt mij zoals geen ander mij kan raken.

Dus lief laten we maar zeggen dat het aan mij ligt, maar….

Wat een boer niet kent…

Als ik 50-plussers, of 40-plussers en soms zelfs 20-plussers spreek, dan voel ik hun weerstand tegen social media. Weerstand in de vorm van angst, onbegrip en kennistekort. Het enige wat ik kan doen, is de ander dan erkennen in zijn gevoel. Luisteren en wachten totdat die ander openstaat om te luisteren naar mijn kant van het verhaal.

De top 3 van weerstanden die ik ben tegengekomen:
1 Kennistekort: ze snappen niet hoe het allemaal werkt;
2 Onbegrip: ze snappen het doel niet;
3 Angst: ze vinden het onbetrouwbaar.

Allemaal hele legitieme redenen om niet met social media te beginnen, maar ook allemaal heel makkelijk op te lossen.

1 Natuurlijk moet je eerst weten hoe het werkt en zie je het nut er niet van. Dat is met een nieuw super-de-luxe koffiezetapparaat ook, je moet je er even in verdiepen. Of vraag iemand om uitleg.

2 Je moet zelf je doel bepalen, wat wil je ermee bereiken (contact, kennis, netwerk, gezelligheid). Anders dwaal je doelloos rond.

3 Klopt! Maar de echte, grote mensenwereld is ook onbetrouwbaar. Er zullen altijd mensen die liegen en bedriegen of over je grens gaan. Een dosis gezond verstand  en een beetje achterdocht kan geen kwaad.

Maar dan, dan heb je nog een andere groep mensen die niks met social media te maken willen hebben. Die vind ik eigenlijk het makkelijkst. Die kosten het minste tijd. Je hoeft geen uren te praten over de voordelen van social media, hoe het werkt en wat je ermee kunt doen. Nee, met die mensen ben je zo klaar en kun je het lekker over het regenachtige weer in Nederland gaan hebben. De groep mensen die zegt: “Ik heb er helemaal geen zin in en het interesseert me niet.”  Prima vind ik dat. Want ik eet ook geen paprika en ga dat ook echt niet eten als iemand anders tegen mij zegt dat het zo ontzettend lekker is. Ik vind paprika namelijk vies.

Wat een boer niet kent en wat een boer niet lust….

Hij weet het beter

Mannen en vrouwen verschillen. Daar ben ik soms best jaloers op. Het lijkt me best makkelijk om soms een man te zijn, het leven is dat zoveel eenvoudiger. Vooral voor jezelf. Vrouwen maken het voor zichzelf vaak moeilijker.

Waar ik twijfel of ik wel gelijk heb, heeft hij gelijk ook al heeft hij geen gelijk.
Als hij ervan overtuigd is dat hij er super hip en cool uitziet, is er niemand die hem van die gedachten af kan brengen. Terwijl ik al naar huis ben gerend om me om te kleden of me de rest van de dag heel onzeker en ongemakkelijk voel als iemand maar iets ervan zegt.
Waar ik het nooit 100% zeker weet, weet hij het 200% zeker ook al weet hij het niet.
Wanneer ik stoms doe, voel ik me stom, dom en stom, maar hij weet het zo te draaien dat als hij iets doms doet, dat het nooit zijn schuld is, dat het een een wetenschappelijk onderzoek lijkt of dat ik ook beter op moet letten! Heel bijzonder, die typisch manlijke hersenen.

Ik moet ook wel bekennen dat hij vaak iets verstandiger is dan ik. Ik kan nog wel wat naïef zijn, ga vooral uit van het goedaardige in een mens of ik denk dat het wel mee zal vallen. Ik vergeet mijn sleutels of raak ze kwijt, ik zet mijn fiets op slot en ben dan verbaasd als hij gejat is, ik zet de waterkoker aan zonder water erin, laat de autolampen de hele nacht aan, etc. Dan is lief geïrriteerd of ligt helemaal in de deuk van het lachen dat ik zo dom heb kunnen zijn. Ik schaam me dan ook dood of baal drie volle dagen.
Ik ben dan soms ook blij als hij iets doet wat niet zo slim is. Alleen dan komen die typische mannelijke eigenschappen weer om de hoek kijken.

*Ping* He, een bericht van mijn lief: Ik heb mezelf net buitengesloten en de buurvrouw heeft geholpen met inbreken.

*Tik tik tik* Hoe heb je dat nou gedaan?

*Ping* Sleutel vergeten en met een metalen staaf de deur open gemaakt.

*Tik tik tik* Hahaha dom.

*Ping*  Nee, hoor dit bewijst alleen maar dat wij de deuren goed op slot moet doen en dat anders zomaar iedereen zo naar binnen kan.

He??!!! Het is gewoon dom toch? Maar volgens hem is het een actie waar we gezamenlijk iets uit kunnen leren. Heel bijzonder die mannenhersenen. Wat moet ik daar nou op zeggen?

*Tik tik tik* Zeker schatje het was helemaal niet dom van je, goed dat je dit hebt uitgeprobeerd want nu is het bewezen dat we goed de deur op slot moeten doen als we weg gaan. Maar een kleine tip voor de volgende keer, vergeet  dan je sleutels niet! :-)).

*Ping*

 

 

 

Praten maakt gelukkig

Ik praat veel en lang. Vaak hele nuttige dingen vind ik zelf, maar ook gewoon gezelligheidspraat. Ik moet mijn best doen om mijn mond af en toe te houden. Behalve als ik ziek ben, dan ben ik de rustigheid zelve.

Nu is het natuurlijk zo dat vrouwen meer praten dan mannen. Wat een man in een woord beschrijft dat kan ik in minstens 180 woorden. Een talent kun je het ook noemen. Maar onder de vrouwen zit ook aardig wat verschil. Een vriendin praat vooral als je haar wat vraagt, voor de rest luistert zij of geniet ze van de stilte. Een andere vriendin die heeft minstens tweeduizend woorden nodig om te vertellen dat ze nieuwe paarse pumps heeft gekocht en dat is dan de korte versie. Ook een talent, zou je kunnen zeggen.

Mijn lief zegt regelmatig tegen mij dat niet alles even interessant is om te vertellen. Dat vind hij. Ik vind het allemaal wel interessant. Het is echt reuze spannend wat iemand op Twitter zei en wat daar vervolgens op gezegd werd en hoe ik daarom moest lachen en welke smiley ik heb gebruikt. Maar hij wordt er dus soms een beetje moe van. Wat ik niet snap, want ik geniet er met volle teugen van. Continue reading “Praten maakt gelukkig”

Like? Kap met dat geklik

Het is overweldigend die aandacht. In eerste instantie was ik vereerd en voelde ik me bijzonder, nu voel ik me gebruikt en goedkoop. Niemand lijkt stil te staan wat voor gevolgen het heeft voor mij, voor mijn reputatie maar ook voor jullie eigen reputatie heeft het gevolgen. Ik ben er met het doel om positiviteit de wereld in te brengen, want ellende is er al genoeg. En ieder mens kan wel wat positieve aandacht gebruiken. Niet alleen in je echt leven maar ook online. Bedenk maar eens wat een complimentje met je doet. Maar als ik het zelf al niet meer als positief ervaar, hoe kunnen jullie dat dan?  Het is allemaal teveel.

Ik ben niet overal voor te gebruiken!! Een strijkijzer gebruik je ook niet om water mee te verwarmen. Maar ooh-maar aan mij wordt natuurlijk weer niks gevraagd. Mijn mening doet er niet toe. Wat ik vind is niet van belang, zolang iedereen maar gebruik van mij kan maken.

Het klopt ook niet. Het past niet en het hoort niet. Continue reading “Like? Kap met dat geklik”

Hobby

De dromige blik in haar ogen en de glimlach op haar lippen. Zij ziet al voor zich hoe hun lichamen sensueel naar elkaar toe bewegen. Ik zie het ook al voor me. Ik wil dat ook, ik wil ook die blik en die glimlach. Volgens onze gast is salsa dansen geweldig, het zo ontzettend bijzonder en deel je iets unieks samen. Het brengt je als stel nog dichter bij elkaar. Ik kijk smekend naar mijn lief maar lief schudt met zijn hoofd. “Ik wil ook iets bijzonders en unieks met jou delen”, zeg ik zachtjes. Onze gast ontwaakt uit haar samba in haar hoofd en kijkt ons vol verwachting aan. “Jullie hebben vast en zeker ook iets… toch? Het hoeft niet perse salsa dansen te zijn, het kan ook iets anders zijn, …. toch?”, zegt ze vol overtuiging. Lief en ik denken en denken. Er valt een ongemakkelijke stilte. “Ja”, roept hij na 7 minuten, “Ik vind het heel fijn en bijzonder om lekker met jou op het terrasje te zitten.” Onze gast knikt enthousiast blij dat de stilte verbroken is.
“Nee dat telt niet, dat is toch niet uniek van ons. Dat doe je ook met Kees, Piet, Sjan en Trees?”, geef ik terug. Continue reading “Hobby”

Bruine beer

“Stop!!!!”, wil ik heel hard roepen, “Waar zijn jullie mee bezig? Zijn jullie nog dronken?” Al lijkt me dat sterk om 11:00 ’s morgens.

Naast mij zit een klef stelletje van een jaar of 21 samen te giechelen. Ja hij giechelt ook, echt! Een hoog hinnikend geluid. Een schattig meisjesvrouw (geen meisje maar ook geen vrouw) met blonde haren in een staart en een stoere jongensman (geen jongen maar ook geen man) met een petje verkeerd op zijn hoofd, zitten te giechelen. Het giechelen is best aanstekelijk maar ondertussen begaan ze de grootste fout van hun leven. Continue reading “Bruine beer”

Ik hou van je

Ik zeg het bijna elke dag. Soms tussen neus en lippen door, soms al wanneer hij net zijn ogen openslaat, soms in een berichtje, soms roep ik het, soms schrijf ik het op een briefje en soms zelfs in zijn slaap. Elke dag zeg ik het en het kost me geen enkele moeite.

Ik vind het belangrijk dat hij elke dag weet, beseft en voelt dat ik van hem hou. Het leven is te onvoorspelbaar om erop te vertrouwen dat je het wel morgen of overmorgen kunt zeggen. Dat weet je niet, daarom zeg ik het elke dag. “Ik hou van jou”. Simpel en doeltreffend.

Ik vraag er wel eens om, ik smeek er wel eens om. Ik bedreig hem of ik chanteer hem. Voor die 4 kleine woordjes, maar niks helpt. Continue reading “Ik hou van je”

Boekenborrel

Vorige week donderdag 14 maart, kreeg ik van een vriendinnetje een whatsapp of ik die avond ook naar “De boekenborrel” zou gaan. Nadat ik mijn blog heb geschreven over “een boek” klinkt bijna alles waar het woord boek of schrijver in voorkomt als muziek in mijn oren. Deze week is een boek schrijven mijn droom en zijn schrijvers mijn idool (jaja ik kan gewoon heel snel en heel kortdurend heel enthousiast zijn van iets). En ik kan wel een oppepper gebruiken want in NRC next lees ik dat meer Nederlanders de ambitie hebben om schrijver te worden, weer minder kans om bekend te worden. In de whatsapp van mijn vriendinnetje, zat een link naar de site van de Bibliotheek:

“Woensdag 14 maart openen wij de Boekenweek met een gezellige en inspirerende Boekenborrel. Op de Boekenborrel zullen veel bekende Eindhovenaren en schrijvers aanwezig zijn oa. Denvis, Björn van der Doelen, Henk van Straten, Alex van Galen, Roel Smits, Elle van den Boogaart, Els Ruiters, Piet van den Boom, Fleur Besters, Marc Dubach, Schrijvers 040, De Boekenmakers, Uitgeverij Pepijn, Plint. … enzevoorts enzevoorts…

Iedereen is van harte welkom op de Boekenborrel. Wel graag even aanmelden via ….enz enz..”

Continue reading “Boekenborrel”

fluistering

Ooit ben ik met een vriendinnetje bij een toneelstuk van haar collega geweest. Ik kan me de naam van die collega niet herinneren en weet ook de titel van het toneelstuk of het onderwerp niet meer. Ik weet alleen dat we op harde banken moesten zitten en dat het een kleine intieme zaal was waar de nadruk lag op soberheid (pijn in je billen soberheid). Weinig decor en weinig spelers. Maar ondanks de pijn in mijn billen en de soberheid of juist door de soberheid is er iets blijven hangen. Een terugkerende scene die ik ontroerend vond, alleen weet ik de exacte woorden niet meer.

Ik heb het aan die vriendin gevraagd: “Goh weet jij nog wat ze zeiden in dat ene stuk een paar jaar geleden van je collega, een scene waar de ene sliep en de andere iets fluisterde?” De enige reactie was een verbaasde blik van waar heb jij het in hemelsnaam over. Ik baal nog steeds dat ik me die woorden niet meer kan herinneren, terwijl ik me wel kan herinneren dat ik op dat moment nog bewust bedacht dat ik die woorden moest onthouden. Helaas…. Continue reading “fluistering”

Social media maakt dom!

Het klinkt cru, maar het is gewoon dom. Het lijkt wel of de naïviteitsknop bij mensen op aan gaat wanneer ze het mooie social medialandschap betreden.

En natuurlijk is het iedereen wel een keer overkomen en kun je het helaas ook niet altijd voorkomen omdat je toch in de goedheid van de mensheid wilt blijven geloven. En doet moet je ook zeker blijven doen, je moet je alleen bewust zijn dat niet iedereen zo ontzettend lief, goed en aardig is.

Ook in de social mediawereld word je voor de gek gehouden, bedonderd en belachelijk gemaakt. Voel je je ongemakkelijk, boos en weet je niet wat je moet doen. Het is namelijk net de ‘echte’ wereld. Daar ga je ook niet weg zonder de deuren te sluiten, doen mensen ook wel eens onaardig of onbeschoft, geef je ook niet je pincode aan anderen, laat je niet aan iedereen je hebben en houden zien, bewaak je ook eigen grenzen, toon je respect en roep je ook niet op straat waar je woont. Continue reading “Social media maakt dom!”

kerstboom 2

Ik had echt alle hoop gevestigd op de ballen en de lampjes. En als dat nog niet voldoende zou zijn, dan zouden de kadootjes onder de boom hem wel overtuigen.

Met een kerstmuts op mijn hoofd zet ik kerstmuziek aan om in de sfeer te komen. Ik orden de kerstballen en slingers. Het optuigfestijn kan beginnen. Blij met mijn hele grote boom sleur ik hem naar binnen en laat een spoor achter van dennennaalden. Maar dat doet me niks, ik heb een kerstboom. Ik begin eerst de lampjes met goede kerstzin in de boom te hangen. Ik ben al een uur bezig met de lampjes en even voor 3 seconden heb ik spijt dat ik zo’n grote boom heb gekocht. Maar dat ga ik natuurlijk nooit bekennen…. Continue reading “kerstboom 2”

Kleine kerstboom

Elk jaar is het opnieuw een discussie. Het zou geen discussie zijn als hij er zich gewoon bij neer zou leggen, maar dat doet hij niet.

Eigenlijk had ik verwacht dat na alle discussies omtrent de nieuwe woning, kleuren en meubels, we voor dit jaar waar klaar waren met wellus-nietusjes. En eigenlijk had ik verwacht dat nu we in een groter huis wonen het ook groter zou mogen zijn, maar niets is minder waar.

Ik moet eerlijk bekennen dat ik niet eens meer luister naar alle argumenten waarom we het NIET moeten doen. Ik wil een kerstboom. Geen inieminie, geen kunst maar een volwaardige mooie kerstboom. Een kerstboom die uitstraalt dat hij trots is dat hij kerstboom is. Zo’n boom! Continue reading “Kleine kerstboom”

Ik tweet dus ik besta…

Ik tweet dus ik besta. Over 6 dagen besta ik dus officieel een jaar want toen plaatste ik mijn eerste tweet. Alles wat daarvoor gebeurde is niet van belang, want toen bestond ik niet. Net zoals bij de meesten was mijn eerste tweet iets in de trant van “Jeuj mijn eerste twitterberichtje” of “Hoe werkt dit?” of “Leest iemand dit?”.

Vervolgens zat ik vol spanning te wachten op een eerste reactie en vervolgens kom je er dan vol teleurstelling  achter  dat niemand je bericht heeft gelezen. Continue reading “Ik tweet dus ik besta…”